|
Even is daar die onvermijdelijke
twijfel. Zou het geen vergissing zijn, een schietvereniging die
Palet'79 heet? Een soort schildersatelier met deze naam zou
namelijk meer voor de hand liggen. Navraag bij een aantal
buurtbewoners leert dat de naamkeuze van het clubje schietfanaten,
toentertijd afhing van de kroeg waar de wedstrijden gespeeld
zouden gaan worden. Café 't Palet rolde uiteindelijk uit de
koker, met als gevolg dat de schietclub vanaf dat moment als s.v.
Palet'79 door het leven gaat.
Een club genoemd naar de
thuishaven. Achteraf gezien een logische stap, die zeker in de
recreantensport vaker toegepast wordt. De gravures in de ramen van
het Kerkraadse café onderstrepen de naamgeving eens temeer, maar
in de kroeg is de ouderwetse bier - en sigarettenlucht onverminderd
aanwezig. Voor verf - en terpentinedampen is hier duidelijk geen
plaats Diep verscholen in de catacomben van de knusse
uitgaansgelegenheid ligt een propere schietkelder te wachten op
zijn schietgrage bewoners. Dit is een perfecte locatie, verteld
voorzitter Jan Szczurowski (49). We hebben zelfs een eigen tap,
dus we hoeven de kastelein nooit lastig te vallen.
Over lastigvallen gesproken. We
gaan terug naar het jaar 1979, het jaar dat de club het
levenslicht zag. Wie er precies allemaal als "vader der
vereniging" moeten worden aangemerkt, is de preses nooit
duidelijk geworden. Alleen de naam Paul Nievelstein is ons bekend.
Voor de rest weten we
niks. We hebben gezocht, tientallen mensen gevraagd en in papieren
gekeken. Nergens hebben we nog een naam kunnen ontdekken. Naam of
geen naam. Nu krap 25 jaar na dato, doet de schietvereniging nog
steeds van zich spreken. Met twaalf leden (verdeeld over drie
teams van vier) wordt ieder jaar om de hoogste eer gestreden. Met
grote luchtbuksen (5,5 millimeter) schieten de schutters op
kartonnen kaartjes, waarop het aantal punten staat afgebeeld. Het
mooie aan de schietsport is, dat je elkaar kunt opjennen,
verklaart Szczurowski. Beïnvloeden kun je eigenlijk niemand, maar
met je schoten kun je wel proberen een ander een beetje gek te
maken.
Dat gek maken zit verweven in de
doelstelling van de vereniging. Zoals bij meeste sporters, staat
ook hier het presteren hoog in het vaandel. Heel kort daarachter
komt dan de gezelligheid, in het voetbal ook wel de "derde
helft"genoemd. Bij ons is dat niet anders. We proberen altijd
zo goed mogelijk te presteren in de competitie, maar als iedereen
gezellig met elkaar omgaat komt dat vanzelf. Als je dingen gaat
forceren, zal dat bovendien de sfeer onder de leden beïnvloeden.
Daarom beginnen we daar nooit aan. Plots mengt Szczurowski's eega
Gerrie, zelf secretaris van de club, zich in het gesprek. Het
schieten is een echte concentratiesport, maar soms dansen we een
lekkere wals tussen de wedstrijden door", giechelt ze. Het
typeert de kleine club fanatiekelingen. Verzot op een mooi schot
in de roos, maar tegelijkertijd ook op schuddebuiken na een goede
mop. Juist door deze ideeën voelde jonkie Romano van Rhee (16)
zich aangetrokken tot de schietsport. "mijn oom Jo Wetzelaer
nam me twee jaar geleden een keer mee naar de training. Ik was
meteen verslaafd. Preses Szczurowski en zijn
eventuele opvolger showen trots hun buksen. Als volleerde
cowboys laten
ze het schietijzer door hun handen glijden; alleen de
leren hoed ontbreekt nog op hun hoofd. Hun lederen clubtenue blinkt in
het tl-licht van de schietkelder. "Voor dit soort luchtbuksen
hoef je geen vergunning bij de politie aan te vragen", klinkt het
uit drie kelen tegelijk. "Een soort testkaart met je naam erop is
al genoeg: Geïnteresseerden
die op vrijdagavond een potje mee willen schieten, kunnen zich richten
tot secretaris G.Szczurowski. Telefoonnummer:
06-42149664
Bron
: Limburgs Dagblad 26-04-2004
|